• Home
  • |
  • NAV?
  • |
  • Lid worden
  • |
  • Kalender
  • |
  • Shop
  • |
  • NAV in de pers
  • |
  • Links
  • |
  • Jobplatform
  • |
  • Adverteer
  • |
  • Contact
  • |
  • Starters
  • |
  • Partners
  • |
  • Interviews
  • |
  • FR
  • |
  • EN

Dagelijkse tools
Cijfers en indexen
Modeldocumenten
Modelcontracten
Juridische tipsrubriek
Beroepsuitoefening
Actuele beroepstechnische
dossiers

Actuele normen en
wetteksten

Download NAV publicaties Download NAV syllabi
NAV Helpdesk

Gezocht:

Ervaren technisch (ir)architect

Regio: Antwerpen

nav, architecten

>> Klik hier voor meer jobs

Werkt u als architect regelmatig met de Vlaamse EPB-software?


Ja, want ik doe ook zelf de EPB-verslaggeving
Ja, maar enkel voor doorrekening
Nee, de software is niet bruikbaar en te complex
resultaat »
vorige webpolls »

Mediatheek

Interview

In het Vlaams regeerakkoord is opgenomen dat het recent tot E80 aangescherpte E-peil voor nieuwbouw woningen in 2012 wellicht verder zal worden verlaagd tot E60. Dat het energiepaspoort van nieuwe woningen betere kwalificaties moet kunnen voorleggen, betwist niemand. Maar over de haalbaarheid van bovenstaande verplichting tegen 2012 zijn de meningen verdeeld.


Noodzakelijke versnelling of overdreven snelheid?

Debat: E60 voor nieuwbouw woningen in 2012


Een plaatsje aan onze rondetafel was gereserveerd voor ingenieur Bernard Wallyn van de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen; Jan Schaerlaekens, adviseur energie op het kabinet van Vlaams minister van Energie, Wonen, Steden en Sociale Economie Freya Van den Bossche; NAV-energieconsulent Luc Dedeyne; Luc Eeckhout van EVR-architecten; NAV-directeur Bart Verstraete; Gert Colliers van de Bond van Vlaamse Architecten BVA.
Jan Schaerlaekens schetst de voorwaarden voor de invoering van het E60-peil. “Eerst moet onderzoek aantonen dat de verplichting haalbaar, betaalbaar en voor de sector draagbaar is. Het Vlaams Energieagentschap VEA start eerstdaags met die analyse. De professionelen krijgen daarbij een belangrijke inbreng. Cruciaal is dat we een serieuze vooruitgang boeken wat de energieprestaties van gebouwen betreft, want daar is het potentieel om klimaatwinst te realiseren het grootst.”
Luc Eeckhout is van oordeel dat de introductie van E6O in 2012 haalbaar is. “Voor een normaal bouwproces is het budgettair te verantwoorden. Ook technisch moet er niets meer worden uitgevonden. Een mogelijk obstakel is de weerstand tegen veranderingen. Anderzijds ben ik overtuigd van de pertinente voordelen van E60. Een lager E-peil zal het woon- en gebruikscomfort verhogen, het energieverbruik doen dalen, ons minder afhankelijk maken van fossiele brandstoffen en de woonkost verminderen. Om de impact van dat laatste tastbaarder te maken, zou je de kostprijs van een gebouw in een maandbedrag moeten gieten, waarin naast de bouwprijs ook het gebruik en onderhoud zitten. Zo kun je al in de ontwerp- en bouwfase de energiekost duidelijk mee in overweging nemen.”
Ook Bernard Wallyn reageert positief. “Voor de kostprijs lijkt E60 mij wel een scharnierpunt, want de stap van E70 naar E60 gaat al gepaard met een voelbare prijsstijging. Wat de bouwpraktijk betreft, hanteren wij al ruim een jaar de drempel van E80, wat in feite inhoudt dat wij een gemiddelde van E75 halen. Wij stemmen onze drempel af op de delen met de minst gunstige oriëntering, zeg maar de driegevelwoningen die een huizenrij afsluiten. Voor sommige eengezinswoningen halen we nu al vrij gemakkelijk E60 in het geval van compacte rijtjeswoningen. Problematisch blijven de appartementsgebouwen. Niet haalbaar zijn volgens mij ook projecten waar speciale technieken zoals mechanische ventilatiesystemen moeten worden ingezet om het E-peil te realiseren. Bewoners kiezen dat niet zelf en springen er over het algemeen niet correct mee om.”
Jan Schaerlaekens vindt dat laatste niet meteen een argument contra E60. “Voor een gemiddelde woning met een normale oriëntatie en compactheid bereik je de E60 als je voldoet aan drie van de volgende vier vereisten: een goede isolatie, een goede luchtdichtheid, een efficiënte verwarming en beperking van de ventilatieverliezen. In de meeste gevallen kan dus een klassiek ventilatiesysteem volstaan.”

 

 

Blokrijden met de sector


Gert Colliers toont zich een koele minnaar van een snelle sprong naar E60. “Woningen met een E60 peil zijn zeker na te streven en aan te moedigen, maar ze voor iedereen verplicht maken vanaf 2012 lijkt mij een stap te ver. E100 sloot aan bij de bestaande bouwpraktijk en lag zelfs aan de gemakkelijke kant. De stap naar E80 was dan ook verteerbaar. Meer aandacht en bekommernis vanwege ontwerpers en aannemers volstonden. Met E60 beland je echter in een ander scenario. Naast dikker isoleren zullen we ook meer aandacht moeten besteden aan het concept, de ventilatie, het rendement van alle installaties. Niet iedereen is daar klaar voor. Daardoor stijgt het risico op fouten die op hun beurt nefast zijn voor het vertrouwen in de EPB-regelgeving. Denk maar aan de problemen met slecht toegepaste isolatie in de jaren 1980, die isoleren lange tijd onterecht een negatieve connotatie hebben bezorgd.”
Jan Schaerlaekens wikt bovenstaande argumenten af tegen de noodzaak van een goede energieaanpak voor gebouwen. “Gezien de klimaatdiscussie komt er een batterij van dwingende klimaatdoelstellingen op ons af, zodat we niet anders kunnen dan nieuwe ontwerpconcepten hanteren. Als alleen de voorlopers dat doen, scoren we een onvoldoende. De hele sector moet mee opschuiven en de E60 kan daarbij helpen.”
Bart Verstraete benadrukt de noodzaak van een bijkomende omkadering en maatregelen en legt Jan Schaerlaekens de vraag voor welke inspanningen er zullen komen om de bouwsector klaar te stomen voor de E60. Jan Schaerlaekens herhaalt dat het haalbaarheidsonderzoek in dialoog met de sector gebeurt, net om in de pas te blijven met die sector. “We moeten zoeken naar het gepaste evenwicht tussen vooruitgang boeken en de sector meekrijgen. Maar het staat vast dat de energieprestaties van gebouwen in een relatief snel tempo naar een veel beter niveau moeten worden opgetild.”

 

 

E-peil: een gemiste kans?


Luc Dedeyne geeft het debat een wending door het E-peil in vraag te stellen. “De enige effectieve manier om energie te besparen is een lager K-peil, met andere woorden: afdoende isoleren. Ook na 30 jaar of meer rendeert die isolatie nog altijd. Het E-peil daarentegen is geen geschikt instrument voor een doordachte energiepolitiek. In plaats van geld uit te geven aan de essentie, stop je centen in niet-noodzakelijke technieken. Wie over het vereiste budget beschikt, kan bij wijze van spreken een E97 woning bouwen en die aankleden met allerlei toeters en bellen om in extreme gevallen af te dalen naar een E0 woning. Bovendien ontvangt hij dan nog een pak subsidies. De subsidiepolitiek sluist daardoor een pak geld door naar mensen die het niet nodig hebben. Je kan veel beter een verbruiksmaximum opleggen, bijvoorbeeld 1 000 liter stookolie of het equivalent daarvan in gas. Wie dat maximum overschrijdt, betaalt op het surplus een energiebelasting of CO2-taks. Moeilijk is dat niet en voor de betrokkenen is het transparant. Het vergt alleen politieke moed.”
Jan Schaerlaekens is het er zeker mee eens dat de gebouwschil de allereerste prioriteit moet zijn. Voor de rest werpt hij op dat Vlaanderen niet over de nodige instrumenten beschikt voor een energiebelasting. “Dure energieprijzen confronteren bouwers ook pas met het belang van een energiezuinige ontwerp van de woning als het te laat is.” Luc Eeckhout en Gert Colliers wijzen nog eens uitdrukkelijk op de dikwijls vergeten noodzaak van luchtdicht bouwen voor wie lager dan E6O wil gaan of een mechanische ventilatiesysteem met warmteterugwinning wil installeren. Luc Eeckhout vindt ook dat de kritiek op het E-peil wel degelijk hout snijdt: “Het E-peil is een gemiste kans. We zitten met een tool die de ontwerper geen enkele feedback op zijn ontwerp biedt. Je kan er de verwarmingsinstallatie niet mee begroten, het energieverbruik van het gebouw niet mee inschatten, … Een verslaggever die de software beheerst, zal op een goed peil uitkomen. Maar of de woning daadwerkelijk energiezuiniger is geworden?”
Luc Dedeyne: “Bovendien krijgt de EPB-verslaggever die taak meestal toevertrouwd omdat hij de goedkoopste offerte indient. Intussen werkt de EPB-software contraproductief voor de toepassing van nieuwe technieken. Als je bepaalde parameters ingeeft die een gebouw moeten verbeteren, krijg je een slechter resultaat. Laten we er geen doekjes om winden: de software is vooral een instrument voor verslaggeving en handhaving.”

 

 

Van start tot resultaat


Jan Schaerlaekens wil deze kritiek relativeren en kaderen. “Het E-peil heeft wel degelijk een aantal positieve effecten. Zo nam de dikte van de gevelisolatie de voorbije jaren met 56% toe, werd de gemiddelde isolatie voor platte en hellende daken 38% dikker en steeg het aandeel van hoogrendementsbeglazing in nieuwbouw woningen van 35% in 2004 naar 99,5% nu.”
“Het klopt dat de software niet is geconcipieerd als een ontwerptool, maar wel als een handhavingsinstrument. We zijn vertrokken vanuit de vaststelling dat er in de jaren 1980 vooral een probleem was met die handhaving. Handhaving is dus jammer genoeg cruciaal. Maar daarnaast moeten we inderdaad de voorlopers ondersteunen bij de ontwikkeling van innovatieve zaken die hopelijk snel door de rest worden opgepikt. Want het globale streven blijft dat nieuwbouw woningen in hun totaliteit evolueren naar meer energiezuinigheid.”
Luc Eeckhout pleit voor een andere aanpak. “Als je het werkelijke verbruik als maatstaf neemt, evolueer je vanzelf naar een resultaatsverbintenis. De bouwheer wil dat het resultaat op het einde van de rit wordt behaald. Dat vergt een ketenbeheer en een aanpak in bouwteam, waarin alle partners secuur gefocust zijn op het resultaat. Niet voor niets is dat de aanpak van Europa vandaag. In die aanpak is een goede input cruciaal, omdat je daarmee de bereikte output aanzienlijk kunt verbeteren. Precies dat ontbreekt in de EPB-software.”
Bernard Wallyn stapt mee in die redenering maar wil de discussie uittillen boven het thema energie. “Heel wat verkavelingen laten niet toe om woningen ideaal te oriënteren. Daardoor zit je al van bij de start op een fout spoor en moet je naar technieken grijpen om het gewenste E-peil te bekomen. Ook het begrip economisch optimum gaat verder dan de energieprijs en de bouwtechnische investeringen. Neem de akoestische norm. Niemand weet vandaag welke impact die zal hebben op de bouwprijs, zeker in appartementsgebouwen. Nochtans gaat het hier ook om woonkwaliteit en duurzaamheid. Ik zie daarom brood in ontwikkelingen zoals de softwaretool die momenteel wordt gemaakt aan de Gentse universiteit, waarmee berekeningen van akoestiek, verwarming en ventilatie kunnen worden geïntegreerd in de EPB-software. Belangrijk is ook dat we de resultaten meten. Architecten hebben achteraf zelden zicht op het beheer van hun gebouw, zodat ze niet kunnen bijsturen of eruit leren. Onlangs bezochten wij een Nederlandse woonstichting waar huurders via de website niet alleen de huurprijs kunnen opvragen, maar meteen vernemen welk prijskaartje er aan het energieverbruik en het onderhoud hangt. Zelfs de belastingen en verzekeringen kunnen worden berekend. In de sector van het sociaal wonen beschikken we over heel wat data waarmee we ons patrimonium zouden kunnen evalueren, bestekken voor onderhoudscontracten opstellen en globale simulaties uitvoeren. Jammer genoeg mogen we die voorlopig niet gebruiken vanuit privacyoverwegingen.”
Jan Schaerlaekens: “Het hele bouwproces moet inderdaad een evolutie ondergaan. Er moet al van bij de ruimtelijke ordening, in de planningsfase en bij de aanbesteding, dus nog voor de architectuur ter sprake komt, aandacht zijn voor het energieaspect. Anderzijds mogen we ons niet uitsluitend vastpinnen op het resultaat, want dat komt pas achteraf, als het dikwijls te laat is. De overheid moet er door middel van normering voor zorgen dat het resultaat al in de initiële fase wordt beïnvloed. We moeten ook voorkomen dat uitsluitend de mensen die goed geïnformeerd zijn en alles goed kunnen kwantificeren, in staat zijn het bouwproces van in het begin de goede richting uit te sturen wat energieprestaties betreft.”

 

 

Het bestaande woningpatrimonium


Luc Dedeyne kaart het probleem van de uitvoering aan. “Wat baten theoretische verplichtingen als de uitvoering te wensen overlaat? Een architect controleert weliswaar de werken, maar hij kan zijn bed niet op de bouwplaats maken.”
Bernard Wallyn wijst op het belang van een goed ontwerp voor een correcte uitvoering. “Foute beslissingen in een vroeg stadium kun je achteraf niet meer herstellen. In feite moet iedereen van in het begin gemotiveerd betrokken zijn bij het voorontwerp en zijn inbreng moeten leveren.”
Luc Eeckhout: “Bouwen moet klimaatbewust zijn en is bovendien verankerd in de samenleving, zodat alles met alles is verbonden. Op lange termijn moeten we wellicht naar een systeem van vergunningen voor tal van deelaspecten: energie, water et cetera. Aan een dergelijke bredere benadering moet ook het onderwijs bijdragen. Architecten worden nog te veel opgeleid als ontwerpers van gevels, terwijl ontwerpen ook een technische dimensie heeft. Pas als je die twee kan laten samenspelen, bekom je ambitieuze resultaten. Goede architectuur is veel meer dan architectuur met een grote A.”
Bart Verstraete: “Wie afstudeert, ziet dikwijls door de bomen het bos niet meer door al die wetten en verplichtingen. Blijkbaar verwacht iedereen van architecten en aannemers dat ze superman zijn. De toekomst ligt dan ook in specialisatie en samenwerking. Maar terwijl een modern architectenbureau nood heeft aan specialisatie, blijft de architectenopleiding te generalistisch.”
Gert Colliers: “Het onderwijs leidt te veel dirigenten op en te weinig muzikanten.”

Luc Dedeyne brengt de discussie terug naar het thema E60. “Terwijl we ons focussen op nieuwbouw, blijft op de renovatiemarkt alles mogelijk. Die vrijheid blijheid is funest voor het energieverbruik.”
“Terwijl de klemtoon net verschoven is naar die renovatiemarkt”, voegt Bart Verstraete daaraan toe. “Het resultaat is dat nieuwbouw hoe langer hoe meer gereserveerd wordt voor mensen die het zich financieel kunnen veroorloven, en dat de anderen worden afgeschoven naar goedkopere, slechtere renovatiewoningen of naar de huurmarkt. Het EPC-certificaat blijkt te falen om die markten op te krikken. Heel wat renovaties gebeuren dan weer zonder bouwaanvraag en zonder tussenkomst van een architect, waardoor ze energetisch geen essentiële verbetering betekenen.”
Jan Schaerlaekens: “Ik kan de kritiek slechts gedeeltelijk onderschrijven. In het segment van de slechte huurwoningen voor weinig vermogende huurders heeft het EPC-certificaat onvoldoende impact. En sommige renovaties hebben inderdaad weinig of geen meerwaarde. Anderzijds stralen betere prestaties in de nieuwbouwsector en een algemene evolutie naar een betere uitvoeringskwaliteit af op de sector van de bestaande woningen. Wie renoveert, gaat de lat hoger leggen.”
“Een snelle evolutie naar strengere normen moet ook voorkomen dat mensen een woning bouwen conform de voorschriften en de geldende prijzen, om jaren later te ontdekken dat die woning niet meer beantwoordt aan de vereisten van de dag. Tevens zullen hun woningen over enkele decennia nog altijd mee het energieverbruik van het gebouwenpark bepalen terwijl we kunnen verwachten dat de energieprijs in de toekomst nog zal stijgen en we er van uit gaan dat we tegen 2050 80% minder CO2 mogen uitstoten. Hoe sneller ze beter presteren op energiegebied, hoe beter. Vandaar het al meermaals vermelde belang om eerst en vooral de bouwschil in orde te brengen.”


Foto’s: Marc Scheepers
Tekst: Staf Bellens

Januari 2010


« Terug
© 1996 - 2010 NAV vzw Privacy statement & disclaimer Ally Graph-x, Websites, Webdesign, Webdevelopement, Webontwikkeling

nav, architecten Check uw bouwbedrijf
nav, architecten Zoek studieopdrachten (Bouwkroniek)
nav, architecten Nuttige links
nav, architecten Muurovernames
nav, architecten Indexen
nav, architecten Vorstperiodes
nav, architecten KMI weerverlettabellen
nav, architecten Bouwverlof
nav, architecten Richtprijzen aan te rekenen lonen
nav, architecten Modelbrieven naar aannemer
nav, architecten Modelbrieven naar buur
nav, architecten Modelbrieven naar opdrachtgever
nav, architecten Processen Verbaal
nav, architecten Modeldocumenten EPB
nav, architecten Modeldocumenten varia
nav, architecten Contractvoorbeelden architectenopdracht
nav, architecten Contractvoorbeelden EPB opdracht
nav, architecten Contractvoorbeelden VC opdracht
nav, architecten Contractvoorbeelden tijdelijke samenwerking
nav, architecten Contractvoorbeelden aanneming
nav, architecten Contractvoorbeeld stabiliteitsstudie
nav, architecten Contractdocument mandaatverlening

Hier leest u handige bruikbare tips over de meest courante juridische items van het architectenberoep.

nav, architecten Als architect omgaan met slechte betalers
nav, architecten Wat is de wet Breyne?
nav, architecten De voorlopige en definitieve oplevering
nav, architecten Volledige of niet volledige opdracht?
nav, architecten Vroegtijdige beëindiging of overname van een architectenopdracht
nav, architecten Auteursrechten van de architect
nav, architecten Energetische prestatie in het architectencontract
nav, architecten Prijsherzieningen in de bouw
nav, architecten De architectenvennootschap
nav, architecten Fiscaliteit en BTW in de bouw
nav, architecten Bouwteams
nav, architecten Veiligheidscoördinatie
nav, architecten Akoestiek
nav, architecten De glasnorm
nav, architecten Logiesdecreet Vlaamse Overheid
nav, architecten Gewestelijke verordening toegankelijkheid
nav, architecten Brandnormen: bijlage 6 industriegebouwen
nav, architecten Optische rookmelders: Vlaamse decreet houdende de beveiliging van woningen
nav, architecten Waterwegwijzer bouwen en verbouwen (2010)
nav, architecten Praktijkgids bij de Codex Ruimtelijke Ordening (2010)
nav, architecten Informatie- en Adviesplicht van de Architect (2010)
nav, architecten Het stilleggen van de bouwplaats - gevolgen (2009)
nav, architecten Internetzakboekje - nuttige websites voor de architect (2009)
nav, architecten De oplevering. Ook voor de architect een cruciaal moment (2008)
nav, architecten Het juridisch statuut van zelfstandige medewerkers in het architectenbureel (2008)
nav, architecten Het ABC van een architectenvennootschap (2007)
nav, architect Stel hier uw vraag
nav, architect FAQ's van uw collega's