Een van de mogelijkheden voor de renovatie van bepleisteringen op buitenisolatie (ETICS) is de ‘ETICS op ETICS’-techniek, waarbij er op het bestaande ETICS een nieuw ETICS aangebracht wordt. In dit artikel worden de voordelen van deze techniek besproken, worden enkele aandachtspunten bij de plaatsing van het nieuwe systeem aangehaald en wordt er dieper ingegaan op de eigenlijke uitvoering ervan.

foto: shutterstock

Hoewel de allereerste toepassingen van ETICS in België reeds dateren van de jaren zeventig, kent deze techniek vooral sinds de eeuwwisseling een groeiend succes. Daar waar in de eerste ETICS amper een vijftal centimeter isolatie geplaatst werd, zijn isolatiediktes van 20 tot 30 centimeter tegenwoordig geen uitzondering meer. Bijgevolg dringt de vraag naar de renovatie van deze eerste systemen zich zowel om esthetische als om ecologische redenen onvermijdelijk op. Hiervoor kan men teruggrijpen naar de ‘ETICS op ETICS’-techniek (zie hoofdafbeelding).

 

Waarom ‘ETICS op ETICS’?

Gelet op de alsmaar strenger wordende energieprestatieregelgeving vormt de ‘ETICS op ETICS’-techniek vanuit een economisch oogpunt een interessante oplossing. Zo laat deze techniek niet alleen toe om het uitzicht van het gebouw op te waarderen, maar zorgt de extra thermische isolatie ook en in de eerste plaats voor een aanzienlijke verbetering van de energieprestaties. Een bestaande muur uit dragend metselwerk die voorzien is van een ETICS met 6 cm minerale wol (MW; λ = 0,040 W/mK) heeft bijvoorbeeld een warmtedoorgangscoëfficiënt U van ongeveer 0,5 W/m²K. Indien men op deze wand een bijkomend ETICS met 20 cm geëxpandeerd polystyreen (EPS verrijkt met grafiet; λ = 0,032 W/mK) aanbrengt, dan daalt de warmtedoorgangscoëfficiënt tot 0,12 W/m²K, een waarde die tegemoetkomt aan de eis voor passiefbouw. Bovendien zou de toevoeging van 8 cm EPS-isolatie in dit geval reeds kunnen volstaan om voor de wand een U-waarde te bekomen die kleiner is dan de voor nieuwbouw geldende Umax-waarde van 0,24 W/m²K.

Ook op technisch vlak biedt de ‘ETICS op ETICS’-techniek vele voordelen, zoals het gebruik van verbeterde materialen en producten, de mogelijkheid om eventuele koudebruggen aan te pakken (bv. ter hoogte van mechanische bevestigingen zoals pluggen en startprofielen) en de beperking van de kans op inwendige condensatie.

Tot slot heeft deze techniek ook op ecologisch vlak een meerwaarde te bieden. Zo blijft het aanwezige systeem behouden, waardoor het verder kan bijdragen aan de prestaties van het bouwwerk, en vermijdt men de productie of verwerking van afval.

Uitvoering van het nieuwe ETICS

Voorbereidende werkzaamheden

Alvorens het nieuwe ETICS uit te voeren, dient men enerzijds de ondergrond (m.a.w. het reeds bestaande ETICS) voor te bereiden en anderzijds de detailleringen aan te passen.

 

  • Voorbereiding van het bestaande ETICS

Nadat de oorzaak van gebeurlijke vochtinfiltraties weggenomen is, moeten de vochtige zones van het reeds aanwezige ETICS vervangen worden . Daarnaast is het aangeraden om eventuele loszittende delen te verwijde­ren (zie onderstaande afbeelding). Indien men voor een loutere verlijming van het nieuwe ETICS opteert, moet men de weinig hechtende of beschadigde zones herstellen. Wanneer het ETICS vervuild is (bv. algen of mossen), dient de bestaande bepleistering gereinigd te worden. Oppervlakkige scheuren die alleen in het ETICS voorkomen, zijn doorgaans onschuldig en vergen geen bijkomende actie.

vochtige zones van aanwezige ETICS vervangen

loszittende delen verwijderen

  • Aanpassing van de aansluitingsdetails

De gewijzigde isolatiedikte die resulteert uit de plaatsing van het nieuwe ETICS vraagt onvermijdelijk om een aanpassing van alle aansluitingen op het systeem. Bijgevolg moeten onder meer de raamdorpels, de dakranden, de muurafdekkingen, de bevestigingen voor de regenafvoer en de lichtarmaturen vervangen en/of verplaatst worden in functie van de bijkomend aangebrachte isolatie. Ook de aanwezige uitzetvoegen moeten in het nieuwe ETICS overgenomen worden.

De bouwknopen moeten steeds in de mate van het mogelijke op een EPB-aan­vaarde manier uitgevoerd worden. Voor meer informatie hierover verwijzen we naar de WTCB-Dossiers 2016/1.7 [1]. De aansluitingsdetails dienen uitgevoerd te worden volgens de uitvoeringsbepalin­gen uit hoofdstuk 5 van de TV 257 [2]. Hierbij is het uiteraard aangewezen om het advies van de fabrikant in te winnen.

Het is aangeraden om de plint aan de muurvoet weg te halen en na het aan­brengen van bijkomende (waterbestendige) sokkelisolatie terug te plaatsen. Op die manier kan ervoor gezorgd worden dat het zicht­bare vlak van de nieuw aan te brengen bepleistering twee centimeter uitspringt ten opzichte van de plint, zoals voorgeschreven wordt. Hoewel de bevestiging van de plint bij voorkeur mechanisch gebeurt, is een bevestiging door middel van een verlijming niet uitgesloten, op voorwaarde dat de plinthoogte beperkt blijft en dat er specifieke voorzorgsmaat­regelen getroffen worden.

Om de continuïteit van de isolatielaag ter hoogte van raam- en deuropeningen te garanderen en een correcte aansluiting met het schrijnwerk mogelijk te maken, kan het nodig zijn om een deel van het bestaande buitengevelisolatiesysteem aan de dagkanten van de openingen te verwijderen.

plint aan de muurvoet weghalen en na het aan­brengen van bijkomende (waterbestendige) sokkelisolatie terugplaatsen

  • Plaatsing van het startprofiel

De plaatsing van een aangepast start­profiel kan op verschillende manieren gebeuren. Als men het reeds aanwezige startprofiel wenst te behouden en dit praktisch gezien ook mogelijk is, dan kan men een bijkomend startprofiel (meestal uit pvc) aanbrengen dat tussen de sokkelisolatie en de nieuwe geveliso­latie geklemd wordt. Wanneer er echter onvoldoende plaats is om een dergelijk bijkomend startprofiel te plaatsen of wanneer de isolatie toch verwijderd moet worden (bv. omdat ze vochtig is), kan men ervoor opteren om een deel van het bestaande ETICS, met inbegrip van het startprofiel en de bevestigingspunten, te verwijderen. Dit biedt de mogelijk­heid om een nieuw startprofiel (bv. uit aluminium) te plaatsen dat aangepast is aan de nieuwe muurdikte, en vervolgens de ontstane opening op te vullen met isolatiemateriaal (bv. PU-schuim).

 

  • Uitvoering van het nieuwe ETICS

Het nieuwe ETICS dient uitgevoerd te worden volgens de algemene regels uit hoofdstuk 6 van de TV 257 [2], waarbij het uiteraard aangeraden is om het advies van de fabrikant in te winnen.

De isolatieplaten moeten op het bestaande ETICS verlijmd worden en vervolgens mechanisch verankerd worden in de draagstructuur. Het benodigde aantal bevestigingspluggen wordt bepaald door de dimensionering bij windbelasting. Voor de verlijming moet men gebruikmaken van een geschikte lijm die verenigbaar is met de bestaande afwerking (vaak organisch afwerkpleister of verf). Het contactoppervlak tussen de lijm en de afwerking moet minstens 40 % bedragen. Afhankelijk van het pleister- en het lijmtype, kan het nodig zijn om een voorstrijklaag te voorzien om een betere hechting te bekomen. Men dient er steeds op toe te zien dat de isolatie een vlak geheel vormt om de bepleistering op een correcte wijze en in de voorgeschreven dikte te kunnen uitvoeren.

Na de plaatsing van de essentiële toebehoren, zoals hoekprofielen en bijkomende stroken wapeningsweefsel in de hoeken van de openingen, moet het gewapende grondpleister aangebracht worden. Tot slot moet het afwerkpleister uitgevoerd worden om de gevel zijn finale uitzicht te geven.

Literatuurlijst

1.       Grégoire Y., Tilmans A. en Wijnants J : Technieken voor de energetische renovatie van muren. Brussel, WTCB, WTCB-Dossiers, nr. 1, Katern 7, 2016.

2.       Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf: Bepleisteringen op buitenisolatie (ETICS). Brussel, WTCB, Technische Voorlichting, nr. 257, 2016.

 

Dit artikel is tevens gepubliceerd in NAV news nr. 97, met meer afbeeldingen en details.