Interview

Architect Tom Vanhee: “Ruimer wonen in de grootstad door restruimte optimaal te benutten”

Filip Van der Elst, Redactiebureau Palindroom • 30 maart 2021

Jonge gezinnen in de stad houden, het is een uitdaging waar elke grote Belgische stad mee kampt. In metropool Brussel is dat niet anders: de groene stadsrand lonkt voor vele jonge koppels die dromen van een ruimere, betaalbare woonst om de kinderen in groot te brengen. Dat het ook anders kan, bewijzen Koen en Hilde uit Koekelberg: zij toverden hun kleine appartement om tot een prachtige, lichtrijke en bovenal ruime duplexdakwoning. Het enige wat ze nodig hadden: een onbenutte zolder en heel wat creativiteit van de architect en ingenieur.

Architect Tom Vanhee, atelier tom vanhee - Sourbron Fotografie

13 jaar geleden waagden Brusselaars Koen en Hilde zich aan een belangrijke stap: samen met drie vrienden kochten ze een herenhuis in hartje Koekelberg. Het huis was onderverdeeld in drie appartementen. Het koppel nam zijn intrek in het bovenste appartement. Daarboven lag er een gemeenschappelijke zolder, die dienst deed als opslagruimte.

 

Vanwege een nakende gezinsuitbreiding hadden Koen en Hilde na enkele jaren nood aan meer ruimte. Voor vele jonge gezinnen is dat het signaal om weg te trekken uit de stad, maar voor Koen en Hilde was dat geen optie. “We wilden graag in Brussel blijven wonen: we werken hier allebei en we houden van deze stad. Alleen zijn gezinswoningen in Brussel bijzonder duur. En in dit appartement van 90 m² kinderen grootbrengen was geen optie”, zegt Hilde.

 

Koen en Hilde lieten de huizenmarkt voor wat ze was en lieten hun oog vallen op de zolderruimte: wat als ze die zolder zouden laten verbouwen tot duplex? Niet alleen konden ze zo extra ruimte creëren, het benutten van restruimte was in de ogen van Koen en Hilde ook een bijzonder ecologisch project.

 

De vraag: bouwen bovenop een gebouw

De eerste kiem was gelegd, maar om het project daadwerkelijk van de grond te krijgen moest er nog veel water naar de zee vloeien. “Eerst moesten we informeren bij de gemeente of zoiets überhaupt wel toegelaten was. Dat ging gepaard met heel wat discussies, maar uiteindelijk mochten we toch een plan indienen”, zegt Hilde.

 

In februari 2015 klopten Koen en Hilde aan bij Atelier tom vanhee. Voor zaakvoerder en architect Tom Vanhee was dit geen alledaagse opdracht. “Dat is net de sterkte en passie van ons bureau: de complexe projecten zijn het interessantst. Ook het verhaal sprak me aan: een jong gezin dat niet wegvlucht naar de rand, maar op een creatieve manier toch een oplossing vindt om betaalbaar in de stad te kunnen blijven wonen.”

Sourbron Fotografie

Vanhee vertrok voor dit project van een bestaande context. “We moesten hier bouwen bovenop een bestaand gebouw. Die omstandigheden, in combinatie met de belangrijke duurzaamheidsvereisten, zoals het vermijden van koudebruggen en het luchtdicht bouwen, maakten van dit project een hele uitdaging.”

 

Vanhee ging voor de structuur van de woning te rade bij ingenieursbureau Lime, dat veel ervaring heeft opgebouwd in deze materie en waar Atelier vanhee regelmatig mee samenwerkt. “We werden al van bij het voorontwerp bij dit project betrokken, dus nog voor er een bouwaanvraag werd ingediend. Dat is altijd een goede zaak. Zo krijg je een ideale wisselwerking tussen architect en ingenieur en wordt het mogelijk om een optimaal resultaat te bekomen”, zegt Francis Delacroix van Lime.

 

De oplossing: pareltje in hout

Het ontwerp van Vanhee vertrekt vanuit de inplanting en streefde ernaar om de parkwand te vervolledigen. De constructie bestaat voornamelijk uit lokaal hout. De structurele balken werden ook zo veel als mogelijk zichtbaar gehouden. Vanhee: “De keuze voor houten belatting sloot goed aan bij de horizontaal belijnde geeloranje bakstenen gevels in de straat.”

 

Bovendien zou het een passiefbouw worden, een voorwaarden van zowel de gemeente als van de bouwheren zelf. “Koen en Hilde legden zelf de nadruk op een bijzonder milieubewuste bouw, en dat vinden we altijd een goede zaak”, zegt Vanhee. Daarom is de goed geïsoleerde woning uitgerust met onder meer een type D-ventilatiesysteem, zonnepanelen, een zonneboiler en driedubbele beglazing.

 

“Een kenmerkend element van dit perceel, is dat de rooilijn een andere schuinte heeft dan de andere perceelsgrenzen”, gaat Vanhee verder. “Daar hebben we gebruik van gemaakt om de opdeling van de woning en gevels een andere terugtrekking te geven. De voorgevel is lichtjes teruggetrokken. Zo konden we bovenop de erker van het bestaande volume zowel aan de voor- als achterzijde een terras voorzien. Een duidelijke meerwaarde voor de bewoners: aan de achterzijde beschikken ze over een warm, zuidgericht terras met de nodige aandacht voor privacy. Het terras aan de voorzijde, in het oosten, biedt dan weer een prachtig vergezicht op de stad.”

Sourbron Fotografie

De open inkomhal in het midden van de woning, vormt de schakel tussen het slaapgedeelte aan de achterzijde, de badkamer en het kook- en eetgedeelte aan de voorzijde. Alle gesloten functies – technische ruimte, kasten, toilet, … – werden weggewerkt achter een lichte wand. Vanuit de inkomhal vertrekt ook de nieuwe trap die zich boven de bestaande trappenhal wentelt.

 

Brandveiligheid was een belangrijk aandachtspunt, geeft Hilde nog mee: “Als je een verdieping aan je huis toevoegt, is een hogere brandweerstand vereist. Daarom hebben we uitvoerig overlegd met de brandweer”, zegt Hilde. “Het was echter niet eenvoudig om aan alle vereisten te voldoen, in een project met vele zichtbare houten balken. Zo legde de brandweer ons in een eerste fase de verplichting op om een brandkoepel te plaatsen. Na constructief overleg is die eis teruggeschroefd.”

 

De uitvoering: het belang van een lichte structuur

Op structureel vlak was dit project geen eenvoudige opgave. Stabiliteitsingenieur Francis Delacroix licht toe: “Bij het ontwerpen van de structuur moest ik uiteraard rekening houden met het bestaande gebouw. De centrale vraag is dan: kunnen we zomaar twee bouwlagen op een bestaande constructie plaatsen? Daar kwam een diepgaande analyse bij kijken: welk gewicht staat er nu op en wat kan er in de plaats komen? De belasting op het bestaande gebouw verandert immers ingrijpend.”

 

Eén ding stond vast: het zou een lichte structuur moeten worden, aldus Delacroix: “Dan zijn er twee mogelijkheden: hout en staal. Hier is er gekozen voor een combinatie van beiden, met een hoofdrol voor een houtskeletstructuur, met hier en daar een stalen element om zware gewichten zoals raampartijen op te vangen.”

 

Ook de vraag naar grote, open ruimtes zorgde voor kopzorgen bij Delacroix: “Hoe integreer je daar een draagstructuur in, als er geen enkel structureel element in de ruimte zelf mag worden aangebracht? De enige keuze is dan om van de ene gemene muur naar de andere te gaan overspannen, maar dan is er natuurlijk minder spreiding van belasting dan wanneer er in de woning zelf een tussensteunpunt beschikbaar is.”

 

Koen en Hilde kozen voor een strak en duidelijk interieur waarin hout een hoofdrol opeist. De vele natuurlijke lichtinval komt de rust en sfeer in de woning alleen maar ten goede. “Dat is te danken aan de grote raampartijen aan de voor-en achterzijde, en de vide in het midden. Zo genieten de bewoners doorheen de dag van een variërende lichtinval in het hart van de woning”, verduidelijkt Vanhee. Hilde: “De ramen moesten zo groot mogelijk zijn, dat was een duidelijke vereiste van ons. Alleen is het niet altijd eenvoudig om dergelijke wensen af te wegen met de vereisten om een goede EPC-score te behalen. Gelukkig hebben we hier nauwelijks op moeten inboeten.”

 

Koen en Hilde kozen ervoor om van het bovenste verdiep een grote ontspanningsruimte te maken. De enorme platencollectie springt meteen in het oog. “Het was niet eenvoudig om daar een goede plek voor te kiezen. We moesten immers rekening houden met het gewicht”, geeft Delacroix mee. Uiteindelijk pronken de honderden vinylplaten aan het langste stuk muur van de duplex.

Sourbron Fotografie

De troeven: indrukwekkende ecologische voetafdruk

Voor Tom Vanhee is dit zonder enige twijfel een project om trots op te zijn. “We hebben hier een restruimte op optimale manier kunnen activeren tot een interessante, nuttige ruimte. Bovendien is het pand naadloos geïntegreerd in de context, omdat het de parkwand vervolledigt.”

 

Ook Koen en Hilde zijn tevreden met het eindresultaat. “Ik denk wel dat dit de huis de buurt opwaardeert. Heel wat mensen, van buurtbewoners tot parkwachters, zijn ons komen feliciteren. In de aanloop naar verkiezingen zagen we zelfs dat politici ons huis als achtergrond voor hun campagnebeelden gebruikten (lacht). En natuurlijk wonen we hier zelf ook graag. Het is uniek om in hartje Brussel zoveel licht en ruimtegevoel in huis te hebben. Het is geen gigantisch huis, maar het voélt wel groot aan.”

 

“De ecologische voetafdruk van dit project is indrukwekkend”, zegt ook Delacroix. “Een woning uitbreiden zonder extra ruimte in te nemen, in een stad waar beschikbare ruimte een schaars goed is: dat is een hele verwezenlijking.”

 

Tom Vanhee hoopt dat dit project ook andere bouwheren kan inspireren. “Er zijn nog veel soortgelijke restruimtes in de steden”, zegt hij. “Op ruimtelijk vlak kan je het alleen maar aanmoedigen dat mensen in de steden willen (blijven) wonen. Dan moet je zo creatief mogelijk omspringen met de beperkte beschikbare ruimte.”

 

Wat beter kon: pionierswerk wordt niet altijd beloond

Hoewel Koen en Hilde bijzonder trots zijn op het eindresultaat, stellen ze zich heel wat vragen bij de weg ernaartoe. Zo voelden ze zich niet gesteund door de verschillende overheden. “We konden op geen enkele premie rekenen, omdat we net niet aan de verschillende voorwaarden voldeden. Ons dossier glipte tussen de mazen van het net, en dus stonden we er alleen voor. We hebben achteraf zelfs nog een fikse boete gekregen omdat we niet aan de regels voor BTW aan 6 procent voldeden.”

 

Hilde: “Ik ben blij met wat we gerealiseerd hebben, maar dat we er zo weinig steun voor kregen, geeft een wrang gevoel. Als mensen met een soortgelijk project me nu om advies zouden vragen, zou ik zeggen: ‘Begin er vooral niet aan’, en dat is jammer.”

 

“Wat Koen en Hilde hier hebben gedaan is pionierswerk. Helaas word je daar niet altijd onmiddellijk voor beloond,” zegt architect Tom Vanhee. “Anderzijds is het ook goed dat er ruimte is voor overleg bij de overheden. Voor zo’n projecten is het belangrijk dat er op maat van de context kan gewerkt worden.”

Sourbron Fotografie

Technische fiche

  • Datum: oplevering maart 2018
  • Ligging: Koekelberg
  • Opdrachtgever: Hilde Hautekees en Koen Van Dijck
  • Ontwerpteam: Atelier Tom Vanhee – www.ateliertomvanhee.be
  • Aannemer: Renotech, Peter Feys, Rescue bvba, Rob Hautekees
  • Studiebureau stabiliteit: Ingenieursbureau Lime
  • Epb-verslaggever: Climatex