Werk je aan een nieuwe omgevingsvergunningsaanvraag? Dan gebruik je voortaan best de nieuwe normenboeken. De Vlaamse Regering heeft ze op 17 juli 2026 goedgekeurd, toe te passen voor dossiers vanaf 18 juli 2026. Het doel? Vergunningsprocedures eenvoudiger en efficiënter maken.

De manier waarop deze hervorming werd gelanceerd – plotsklaps, midden in het bouwverlof – verdient geen vermelding in het normenboek van goede planning. Ook bij de verdere uitwerking en de uniforme toepassing plaatsen we nog enkele vraagtekens. Maar inhoudelijk is dit zonder meer een hoopgevende stap vooruit. NAV is dan ook tevreden dat heel wat van onze aanbevelingen gehoor hebben gekregen.

Waarom nieuwe normenboeken?

De normenboeken bevatten technische richtlijnen over de documenten die je bij een omgevingsvergunningsaanvraag of melding moet voegen. Ze hebben geen normatief karakter. Ze creëren op zichzelf geen nieuwe vergunningsvoorwaarden, maar geven aan welke informatie noodzakelijk is om een dossier volledig en beoordeelbaar samen te stellen.

De vroegere normenboeken kregen de laatste jaren felle kritiek. Architecten moesten almaar meer technische uitvoeringsinformatie aanleveren die slechts beperkt relevant was voor de beoordeling van de vergunningsaanvraag.

Daardoor nam de administratieve planlast toe en verschoof de aandacht naar de vormelijke volledigheid van het dossier, terwijl de eigenlijke ruimtelijke beoordeling naar de achtergrond dreigde te verdwijnen.

Met de nieuwe normenboeken gooit de Vlaamse overheid het roer om: minder focus op de technische uitwerking, meer op de informatie die nodig is om een project ruimtelijk goed te beoordelen.

Wat verandert er voor jouw vergunningsdossier?

De nieuwe normenboeken leggen minder nadruk op technische uitvoeringsaspecten zoals funderingen, constructieve opbouwen of gedetailleerde rioleringsinformatie en richten zich opnieuw op de elementen die voor een vergunning écht van belang zijn: de inplanting van het project, de volumetrie, de relatie met de omgeving en de ruimtelijke impact.

Daarnaast werd de structuur grondig herwerkt. Het aantal normenboeken voor stedenbouwkundige handelingen wordt teruggebracht tot drie:

  1. Een normenboek voor handelingen met architect.
  2. Een normenboek voor handelingen zonder architect.
  3. Een normenboek voor infrastructuur.

De dossieropbouw sluit bovendien beter aan bij de digitale werking van het Omgevingsloket, waardoor dubbele informatie zoveel mogelijk wordt vermeden.

Voor eenvoudige dossiers betekent dit een reële administratieve vereenvoudiging. Zo moeten bepaalde plannen niet langer in meerdere, vrijwel identieke versies worden opgemaakt, bijvoorbeeld bij eenvoudige regularisaties.

Als architect krijg je meer ruimte om plannen logisch samen te stellen.

(Lees verder onder het gele kaderstuk.)

Je moet ingelogd zijn om deze pagina te kunnen raadplegen.

Login

Nieuwe account aanmaken?