NAV publicaties

14 juli 2020

Binnenluchtkwaliteit in schoolgebouwen

NAV-leden:
€ 0,00
Niet NAV-leden:
€ 0,00


De publicatie ervan is, medio 2020, actueler dan ooit. De pandemie waar de wereld mee geconfronteerd wordt sinds het voorjaar 2020, maakt deze gids actueler dan ooit; zowel in de context van de Covid-19-pandemie, als in relatie tot griepepidemieën, RSV, …, en de dreiging van nieuwe virussen die ons momenteel nog niet bekend zijn. Verschillende studies toonden al aan hoe in een druk bezette ruimte een hogere luchttoevoer per persoon, kan zorgen voor een daling van de besmettingsgraad in de ruimte.


Doeltreffende, goed ontworpen ventilatiesystemen, die eenvoudig zijn in onderhoud zijn en vooral niet onder-gedimensioneerd zijn, worden de nieuwe sleutelkunnen een belangrijke rol spelen bij het vermijden/ en beperken van atmosferische transmissie van virussen in onze maatschappij, niet in het minst in druk bezette ruimtes zoals klaslokalen.
Net als stabiliteit, duurzaamheid en energie-efficiëntie is de kwaliteit van het binnenmilieu een belangrijke graadmeter voor de intrinsieke waarde van een gebouw. Het binnenmilieu is immers van grote invloed op het welbevinden en de gezondheid van de gebruikers van het gebouw. Symptomen zoals allergieën, astmaklachten, hoofdpijn, vermoeidheid en sufheid, concentratiestoornissen … kunnen ontstaan of verergeren als gevolg van een ongezond binnenmilieu.
Omdat ze nog volop in ontwikkeling zijn, zijn kinderen, net als ouderen en mensen met ademhalingsklachten, extra gevoelig voor een ondermaatse luchtkwaliteit.


Uit een bevraging bij architecten in het kader van dit project blijkt dat de binnenluchtkwaliteit in veel gebouwen nog geoptimaliseerd kan worden. Het is een bevinding die ook duidelijk naar voren komt uit eerder onderzoek aan de hand van in situ metingen in schoolgebouwen*, eveneens in opdracht van het Vlaams Departement Omgeving.
Een ongezond binnenmilieu kan zowel te maken hebben met vervuilende stoffen afkomstig van de buitenlucht als met stoffen die uitgestoten worden door bijvoorbeeld nieuwe bouwmaterialen. Daarnaast is ook de aanwezigheid van de mens een bron van vervuilende stoffen. We spreken dan over bio-effluenten, waaronder uitgeademd CO2 en vocht maar ook bio-aerosolen zoals virussen en bacteriën. Bovendien veroorzaakt de beweging van grotere groepen kinderen in een lokaal ook resuspensie, waardoor bezonken stof opnieuw opwaait en tijdelijke hoge concentraties van bijvoorbeeld fijn stof veroorzaakt.


Bij een gezonde binnenluchtkwaliteit denken we spontaan aan een goed ventilatiesysteem op maat van het gebouw en de bewoners. Maar ook een correct gebruik, onderhoud, buitenluchtkwaliteit, akoestisch comfort,… hebben een invloed op de uiteindelijke binnenmilieukwaliteit en hoe deze ervaren wordt door gebouwgebruikers. Architecten vervullen dan ook een actieve rol bij het maken van goede, ‘gezonde’ keuzes en bij de begeleiding van de bouwheer.
Deze pocket is gebaseerd op de zogenaamde technische fiches voor scholenbouwers van ventilatiesystemen in scholen, die door advies- en ingenieursonderneming Arcadis ontwikkeld werden in opdracht van het Vlaams Departement Omgeving. In deze publicatie schenken we aandacht aan bepaalde, vaak voorkomende problemen i.v.m. het binnenmilieu in schoolgebouwen en hoe architecten hierop kunnen inspelen.

 

*BIBA: Binnenlucht in Basisscholen: https://archief.onderzoek.omgeving.vlaanderen.be/Onderzoek-1491773


terug naar overzicht